Porteum

Stand van zaken vmbo

De stand van zaken

  • Taakbeleid. We hebben nagedacht over de taken voor komend jaar en de wijze waarop we in de toekomst het taakbeleid mogelijk vorm kunnen geven. Want als in de teams en leerzones intensief wordt samengewerkt, zou het ook logisch zijn om meer samen de taken te verdelen. 
  • Er volgen taakbeschrijvingen van de vakgroepcoördinatie en leerzonecoördinatie.
  • De werving is goed verlopen en bijna alle leerlingen hebben zich ingeschreven. Het is fijn om te zien dat er voor Porteum wordt gekozen en we de leerlingen binnen krijgen die we hadden verwacht. Daarnaast realiseren maatschappelijke partijen zich dat het goed toeven wordt op Porteum en komen er veel verzoeken tot samenwerking. 
  • Het aanbod keuzevakken in bk is rond en wordt volgend schooljaar, op een enkele uitzondering na, binnen het eigen profiel gevolgd. Omdat we in een impasse belandden maken we op 16 maart een nieuwe start met de invulling van deze keuzevakken voor de jaren erna. Wat is de opdracht en wat willen we bereiken met het vrijgegeven curriculum in de bovenbouw? en hoe zorgen we ervoor dat we dit ook kunnen organiseren? 
  • In de vakgroepen worden de PTA’s en PTD’s ingevuld voor volgend schooljaar, wordt Its learning gevuld en bespreekt men het vakwerkplan. Het is fijn als dat begin april klaar is, zodat we daarna kunnen bespreken hoe we gaan samenwerken in de leerzones en op de verdiepingen.
  • De invulling van de ondersteuning wordt sterker dan nu, gekoppeld aan de teams. Zo kunnen we elkaars expertise gebruiken en leerlingen op de werkplek ondersteunen. Een beschrijving van de werkwijze is in concept klaar.

Leerzones op Porteum 
Nu Porteum nadert en we over een half jaar inderdaad die scholen binnenlopen en onze plek zoeken in de verschillende gebouwen, waar we dagelijks onze deels nieuwe collega’s ontmoeten. Waar we samen het onderwijs maken, naast elkaar en met elkaar, rond een vast cohort leerlingen. Nu dit allemaal zo dichtbij komt, ga ik nog even terug naar het begin. Want hoe is het ontstaan, het werken in leerzones? Hoe is dit ontstaan vanuit de visie ‘Leerlingen leren regie voeren op het eigen leren en handelen in verbinding met hun omgeving.’

Wat betekent het voor vmbo-leerlingen om zich voor te bereiden op een plek in onze huidige maatschappij? In boekje 2 wordt in het hoofdstuk Leren met ruggengraat de achtergrond geschetst van waaruit we naar deze opdracht hebben gekeken.

  1. De wereld is complex, onvoorspelbaar, onzeker en voor meerdere uitleg vatbaar (Sitskoorn M. 2016).
  2. We weten dat mensen een leven lang moeten leren en ook kúnnen leren. Het brein blijft plastisch. In de puberteit is er een piek in de ontwikkeling van regulatieve vaardigheden: zelfregulatie, zelfevaluatie, wisselen van perspectief, keuzegedrag (Jelle Jolles 2016, Westhof 2009).
  3. We richten het onderwijs zo in dat in het reguliere systeem door leerlingen uitstekende resultaten worden behaald, veel verschillende ervaringen worden opgedaan, talenten kunnen worden ontdekt en ontwikkeld.
Van klaslokaal naar leerzone – Yves Demaertelaere

De vertaling van de visie in de inrichting van het vmbo-onderwijs op Porteum
Vijf jaar geleden startten we met een groep van 15 docenten met het onderwijskundig ontwerp van het nieuwe vmbo-cluster. Met stip bovenaan stond de behoefte om leerlingen meer op maat te kunnen bedienen. Om in verschillende groeperingsvormen en ruimtes met leerlingen te kunnen werken aan extra uitleg en verdieping. Om het gesprek met leerlingen over de leerstof ook op andere wijze te kunnen voeren dan in een klas van 30 personen. Want leerlingen zijn zeer divers in hun leerbehoeftes, hun benodigde leertijd en ondersteuningsvragen. Het nieuwe concept moest in de reguliere organisatie de mogelijkheid realiseren om leersituaties te flexibiliseren. 

Daarnaast werd de intensivering van de begeleiding genoemd en de verrijking van het curriculum. De behoefte om leerlingen meer te laten ervaren binnen het curriculum, om in school ook andersoortig leren een plek te geven, om binnen- en buiten leren te verbinden en om samenhang in leerstof te verhelderen. 

Om hier in het regulier systeem aan tegemoet te kunnen komen, concludeerde de ontwerpgroep dat er een zekere flexibilisering van tijd, aanbod, leerruimtes en begeleiding nodig is. De vraag was dus: hoe organiseren we, naast de gewone lessituatie, onderwijstijd die meer flexibel is in te vullen?

 Hoe organiseren we flexibiliteit in ons onderwijs? 
Om een zekere flexibiliteit te organiseren is het volgende nodig:

  • Flexibilisering van programma; Leerlingen moeten onafhankelijk van de docent kunnen (verder) werken. Met meer of minder oefening/uitdaging resultaten behalen. Samenhang en keuze in aanbod in de ontdekkingsroutes. 
  • Flexibiliseren van tijd; binnen blokken van 90 minuten waarin deels vaste lestijd en deels flextijd wordt georganiseerd. De flextijd biedt leerlingen de mogelijkheid bij hun eigen docent te blijven of bij een andere docent uitleg te krijgen en om in de flexruimte aan het werk gaan of met medeleerlingen aan een opdracht te werken. (De docenten op de leerzones spreken samen af wat de vaste- en wat de flextijd is binnen de 90 minuten). 
  • Flexibiliseren van leerruimtes (onder toezicht). Op de verdiepingen zijn verschillende soorten werkplekken: lokalen, werkplekken rond de midden kolom, flexruimtes waarin je alleen en samen kunt werken.
  • Flexibiliseren van begeleiding; instructie, begeleide instructie en ondersteuning/uitdaging. Dit vraagt samenwerking van docenten omdat het maatwerk dat ons voor ogen staat, binnen het eigen lokaal lastig te realiseren is. Zo kunnen docenten een deel van de tijd met hun eigen groep aan het werk, twee groepen instructie geven, individueel met leerlingen werken of in kleine groepen aan de slag.
  • Versterking van de begeleiding; mentoren, vakleerkrachten, afdelingsassistenten, pedagogisch medewerkers en lesinstructeurs op de verdiepingen bundelen hun expertise. Ze begeleiden maatwerk, helpen leerlingen kiezen en bewaken de voortgang. Met gebruik van didactisch coachen.
  • Een digitaal leerlingvolgsysteem; leerlingen en docenten kunnen hierin de voortgang monitoren met de extra opdrachten, de samenwerking, opmerkingen en cijfers.

De leerzone in de praktijk
In een leerzone vind je de lokalen van een aantal taakverwante vakken naast elkaar op de verdieping. Het gaat dan om de leerzone science, talen en gamma. Kunst en Cultuur en LO vallen hier buiten omdat zij vaklokalen nodig hebben die deels elders op Porteum zijn gesitueerd. 

Gebouw Steven
Binnen de tl-bovenbouw (leerjaren 2/3/4) hebben we twee parallelle teams. Op verdieping twee zit team A met de leerzones gamma en talen én een flexruimte. Op verdieping drie zit team B met de leerzones gamma en talen én een flexruimte. Omdat de leerzone science-vaklokalen nodig heeft, hebben alle tl-bovenbouwleerlingen de science-lessen op verdieping één. 

Gebouw Ruim
Op de tweede verdieping zit het Junior College bk, met werkplekken op de gangen en twee praktijklokalen, specifiek ingericht voor de onderbouw. Op verdieping drie zit het Junior College tl mét een flexruimte. Op deze verdiepingen zijn alle leerzones aanwezig en worden dus alle vakken gegeven behalve LO. 

Gebouw Boeg
Hier bevinden zich de praktijkruimtes en de bijbehorende instructieruimtes van de profielen Z&W, PIE, BWI, E&O, D&P en HBR én 2 ruimtes waarin leerlingen zelfstandig kunnen werken. Daarnaast de leerzone talen en maatschappij op verdieping drie, en op verdieping twee de zone science.

Elke 90 minuten gaan leerlingen naar een andere leerzone. Leerlingen bezoeken die leerzones een aantal keer per week. In de leerzone van 90 minuten hebben zij twee lessen ingeroosterd van 45 minuten. Op maandag zijn dat bijvoorbeeld Engels en Duits. Op dinsdag kan dat Engels en Frans zijn. De lessen staan zo ingeroosterd dat de tabel klopt. Alle leerlingen krijgen die uren waar ze recht op hebben en ook bij alle docenten staan de juiste uren per klas in het rooster. De leerling volgt zoveel mogelijk lessen op de eigen verdieping. Voor specifieke lesruimte gaat hij naar een andere plek (lab, werkplaats, kunst, LO).

Dus we zijn goed onderweg en weten tegelijkertijd dat de uitwerking vanaf volgend jaar in de dagelijkse praktijk haar echte vorm krijgt. Het is goed om de uitgangspunten dan helder op een rij te hebben in boekje vijf. Want het blijft work in progress.

Judit Weekenborg 

Met jouw schooladvies op zak, vind jij op Porteum zéker het onderwijs dat bij je past! Zie je jezelf straks al lopen? Op onze splinternieuwe, moderne en duurzame school? 

Kom aan boord!

Porteum
Copyright © 2021

Bij het doorgaan van gebruik van deze website, accepteer je het gebruik van cookies. MEER INFORMATIE

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close